
Auteur: K. Bruning Datum: Maart 2004 |
Er was ereis een koningin die was heel erg verlegen. Niet in ‘t paleis bij haar gezin maar bij het plichten plegen. Zij bloosde en zij stamelde. Zij knipte naast de linten. Verwarde Jonkheer Haemelde met Freule van der Bhinten. Zij droeg een hoofddoek om heur haar. Zij droeg dus nooit een kroon. Zo’n kroon vond zij, dat stond zo raar. Zij deed het liefst gewoon. Hoera, daar komt de koningin! Maar niemand zag er iets. Alleen een huisvrouw met een kin die beefde, op de fiets. Zij was helaas niet, zacht gezegd maar dan ook van geen kant voor koningin de wieg gelegd. Zij faalde faliekant. Toen raadde haar een zekere keizer: ‘Als je niet wordt herkend benoem een koninginnenwijzer.’ Dat werkte eminent. En was zij eenmaal aangewezen dan riep het volk: ‘Hoera! Daar staat zij! ’t Is niet die, maar deze! Lang leve Minima!’ Katja Bruning |