[Op het stadhuis in Amsterdam is Burgemeester Job Cohen juist in telefonisch conclaaf met de Minister van Binnenlandse Zaken Johan Remkes]
Cohen:
Zeg, hoor nou eens, Johan, je kunt nu wel roepen dat ik Kuiper er beter onder moet houden, maar ik heb je vorige week ook al… Ja, nee. Maar dat is toch ook een onzinplan! Dat moet je prullebakkeren! Nu, direct… Nee, ik…
[De deur zwaait open en een viertal verdachte sujetten betreedt de kamer van Cohen. Het zijn verdachte sujetten omdat ze bivakmutsen dragen. En ze zijn gewapend met AK-47’s En van hen heeft bovendien een SA-18 op de schouder.]
Verdacht sujet 1:
Hands up! This a hold up!
Verdacht Sujet 2:
Verdomme, Verkade, hoe vaak moet ik het nog uitleggen? Het is geen overval, maar een gijzeling.
Verkade:
Ja, maar ik wist zo snel het Engelse woord voor gijzeling niet, van der Sluis.
van der Sluis:
Had ‘handen hoog! U bent gegijzeld!’ niet kunnen volstaan?
Verkade:
Juist.
Cohen:
Wat heeft dit te betekenen? Wilt u ogenblikkelijk mijn kamer verlaten?! Hup, hup, wegwezen voor ik me boos maak.
Verdacht Sujet 3:
Niets daarvan! U bent gegijzeld. Daarom wil u vriendelijk verzoeken direct te telefoon op te gooien…
Cohen:
Eh…
[Verdacht sujet 4 ontgrendeld zijn wapen]
Johan? Ik bel je straks terug.
[Gooit haastig op]
Verdacht Sujet 3:
…en u handen op uw rug te doen opdat u in de boeien geslagen kunt. Heb je de boeien klaar?
Verdacht Sujet 4:
Jawohl, van Amerongen!
van Amerongen:
Keten hem aan de radiator.
Verdacht Sujet 4:
Right! Dat zal hem leren! … Ha Job, kun je hier even. Of nee, wacht: heb je nog last van je rug?
Cohen:
Eigenlijk wel. Maar wat weet jij daarvan?
Verdacht Sujet 4:
Dat heb je me verteld toen we ons vorige week tijdens die opening stonden te vervelen bij de toespraken.
Cohen:
Hè? Proper?! Wat heeft dit te betekenen?
Proper:
We gijzelen je. Maar maak je geen zorgen, hoor. Het is voor de goede zaak.
Cohen:
Potver! Ik heb hier toch helemaal geen tijd voor.
van der Sluis:
Niets mee te maken. Dan maak je maar tijd. Altijd hetzelfde met die ambtenaren.
[drukt Cohen met geweld tegen de grond en ketent hem vast]
Verkade:
Yeah! You go, girl!
van der Sluis:
Zo. En nu?
van Amerongen:
Onze eisen!
Verkade:
Hebben we die?
Proper:
Jazeker! Het betreft een taalkundige kwestie! Inzake het woord ‘gijzelaar’. Ik vind dat ik de gijzelaar moet zijn, niet Job.
Verkade:
Hè? Nou, ga maar zitten, dan keten ik je wel vast.
van Amerongen:
Nee, wat Proper bedoelt te zeggen dat het woord ‘gijzelaar’ te onrechte een verkeerde betekenis heeft gekregen. Gijzelaar moet duiden op degene die handelt, gelijk aarzelaar, aftroggelaar, afwikkelaar, bazelaar, behandelaar, beijveraar, bespiegelaar, betuttelaar, buitelaar, charteraar, dommelaar, femelaar, fezelaar, folteraar, hakkelaar, hamsteraar, heroveraar, herverzekeraar, hinkelaar, inleveraar, inzamelaar, jammeraar, kalfateraar, kavelaar, keuvelaar, kibbelaar, klauteraar, kleuteraar, klungelaar, knabbelaar, knuffelaar, knutselaar, koesteraar, koeteraar, kogelslingeraar, kwanselaar, kwebbelaar, leveraar, leugenaar, machinetekenaar, mangelaar, mijmeraar, mokkelaar, mommelaar, mopperaar, nestelaar, omberaar, onthorzelaar, ophemelaar, paggelaar, peuzelaar, preutelaar, prevelaar, pronselaar, sabbelaar, schipperaar, schnabbelaar, schrobbelaar, scrabbelaar, sjoemelaar, slenteraar, snateraar, spijbelaar, stotteraar, stribbelaar, strompelaar, struikelaar, trippelaar, veredelaar, verneukeraar, voorspiegelaar, zeveraar, minnaar, winnaar, bottelaar, bultenaar, handelaar, makelaar, hakkelaar, metselaar, worstelaar…
van der Sluis:
Het is wel duidelijk, van Amerongen. Wat van Amerongen bedoelt te zeggen: de uitgang –aar duidt op iemand die handelt. Handelaar = degene die handelt, metselaar = degene die metselt, spijbelaar = degene die spijbelt, mijmeraar = degene die mint…
Proper:
Zodoende is onze eis…
van Amerongen:
…dat gijzelaar voortaan weer wordt gebruikt om degene die gijzelt aan te duiden.
Verkade:
Helder! Okay, Cohen, je hebt het gehoord. Willig direct onze eis in!
Cohen:
Hoe kan ik dat nou doen? Ik bepaal dat toch niet? Ik heb daar geen invloed op.
van Amerongen:
Nee, daarom ben jij ook maar gijzelaar…
van der Sluis:
Gegijzelde, van Amerongen.
van Amerongen:
Hè?
Proper:
Hij is gegijzelde, van Amerongen. Jij bent de gijzelaar.
van Amerongen:
Oh ja. Sorry. Hoe dan ook. Job, Jij bent maar gegijzelde. En wie heeft er ooit gehoord van een gegijzelde die eisen inwilligt? Zo werkt het niet.
Cohen:
Maar wat willen jullie dan?
Proper, van Amerongen, en Verkade:
Op TV!
van der Sluis:
Alleen met TV kun je de mensen hersenspoelen.
Cohen:
Hadden jullie dan niet beter Albert Verlinde kunnen gijzelen? Die werkt bij TV. Hier is geen camera.
van Amerongen:
Daar hebben wij ook aan gedacht. Maar de angst bestond dat mensen er niet zo mee zouden zitten als Verlinde dood gaat, dus dat is een nogal slap dreigement.
Cohen:
Zit wat in.
van der Sluis:
Proper, bel je contact bij de TV en zeg dat ze hierheen moeten komen met een cameraploeg.
[Proper pakt de telefoon]
Proper:
Moet ik een nul draaien, Job?
Cohen:
Ja.
[Proper drukt op wat toetsen en wacht af]
Proper:
[Gerustellend]
Hij gaat over … Ja! Hallo! Kun je me doorverbinden met Mark Pier. …. Mark! Luister, ik ben gijzelaar en … Neehee, ik word niet gegijzeld, ik ben gijzelende… Wie? Job Cohen. …. En nu dacht ik jou de scoop te geven … Nee, live onze eisen kenbaar maken. … Ja, maar dat kan toch wel doorgeprikt worden naar de nationale TV dan? … Precies! … Prachtig! … Hoeveel tijd? Okay, bel me als je er bent. Spreek je later!
[hangt op]
Ze komen!
van der Sluis:
Mooi!
Cohen:
Zegge… niet om het een of ander, maarre… martelaar hoe zit het daarmee?
van Amerongen:
Maak je geen zorgen, we zullen je geen pijn doen.
Cohen:
Dat bedoel ik niet. Martelaar is niet degene die martelt, maar eerder in overdrachtelijke zin degene die gemarteld wordt. Ik bedoel: gaat deze hele gijzeling wel ergens over?
van der Sluis:
Bek houden, Job!
[ramt hem met de kolf van haar geweer knock-out]
van Amerongen:
Hmm. Daar heeft ie wel een puntje. Geloof ik.
Proper:
Nee hoor, martelaar is afgeleid van het Latijnse martalus en niet van het werkwoord martelen.
Verkade:
Godzijdank.
Telefoon:
Blibberdeblip. Blibberdeblip. Blibberdeblip.
Proper:
Ah. Dat zal Mark zijn.
[neemt op]
Mark! Ik gooi je gelijk op op speaker. Dan weet iedereen gelijk waar we aan toe zijn.
Jelle Kuiper over de telefoon:
Ik ben Mark niet. Mijn naam is Jelle Kuiper en ik eis dat jullie je direct overgeven!
van der Sluis:
Uitgesloten! We willen er op TV!
Jelle Kuiper over de telefoon:
Meisje, meisje, toch. Kijk maar eens uit het raam, dan zie je dat jullie omsingelt zijn. Geeft jullie over!
Verkade:
Verdomme, het is nog waar ook!
van Amerongen:
So what? Wij hebben een SA-18.
Jelle Kuiper over de telefoon:
Wat is dat?
van der Sluis:
Ik zal het even demonstreren.
[opent het raam, laadt de granaatwerper en blaast een van de ME-busjes op]
Verkade, Proper, van Amerongen, Cohen en Jelle Kuiper over de telefoon:
Oei!
van der Sluis:
Ik wil maar zeggen, Jelle. Beter niet te hoog van de toren blazen. Anders blaas ik terug. Hahahaha!
Jelle Kuiper over de telefoon:
Juist. Ehm, laten we ons niet opwinden maar hier als volwassenen over praten. Zijn jullie moslimterrorist? Wat zijn jullie eisen? Willen jullie respect?
van der Sluis:
We willen er op TV! Zo meteen komt er een cameraploeg onder leiden van Mark en wij eisen dat hij vrije doorgang krijgt zodat wij onze zaak op TV uiteen kunnen zetten.
Jelle Kuiper over de telefoon:
Uitstekend. Komt voor elkaar. Zeg maar tot die tijd: vertel eens zijn jullie gelieerd aan Al-Quaida?
Proper:
Dag Jelle.
[hangt op]
Melissa:
Nou, afwachten dan maar….
Wordt vervolgd
Redactie


