Alle begin is makkelijk. Maar wat dan?
Geplaatst onder Muziek op 1 oktober 2001 door Emile Proper
Print

Debuteren is niet moeilijk. Iedere boerenlul kan het. Sterker nog: iedere boerenlul heeft het wel eens gedaan. Al is het maar omdat hij geboren is. Dat is ook een soort debuut. Soms gaat debuteren goed. En soms een stuk minder. Schijver dezes kan zich bijvoorbeeld nog al te goed herinneren hoe hij voor het eerst het podium werd opgeschopt om te debuteren in toneelstuk. Gelijk ook maar in een sprekende rol. Waarvan hij de woorden helaas prompt vergat toen hij op de avond van de première het podium opstapte. Dat was dus – ondanks de vrolijkheid die zich van de zaal meester maakte toen hij uitlegde dat hij geen flauw idee meer had wat zijn tekst zou kunnen zijn – niet zo’n sterk debuut.
Debuteren kan ook anders. Neem nu de nu classic soul zangeressen Angie Stone en Macy Gray. De eerstelingen van deze dames werden in respectievelijk oktober 1999 en augustus 1999 de markt opgeslingerd en dat ging bepaald niet ongemerkt voorbij. Hits, de platina status die bereikt werd, de alom bejubelde concerten, het loog er allemaal niet om. Dat heet nu succesvol debuteren. Verschil moet er zijn.


Het is vanzelfsprekend een stuk aangenamer om succesvol te debuteren dan om af te gaan als een gieter. Toch heeft een desastreuze eersteling ook een onmiskenbaar voordeel: het kan eigenlijk alleen maar beter worden. Het begin was misschien niet om aan te horen, maar daarna is het een kwestie van uithuilen, de stukken bijeenvegen van gemaakte fouten leren en met hernieuwd enthousiasme afstevenen op een volgend debacle dat het niveau van het vorige ternauwernood overstijgt. En aldus een mensenleven lang te blijven groeien en ontwikkelen. Dat is pas leven!
De succesvolle debutant wordt het daarentegen een stuk lastiger gemaakt. Die wordt geacht die fantastische prestatie op zijn minst te evenaren, maar liever nog te overtreffen. Voorwaar geen eenvoudige opgave. Topprestaties leveren is nooit makkelijk, maar als het verrassingseffect – dat het enorme enthousiasme voor een eersteling zeer zeker in de hand werkt – er niet meer is, dan wordt het natuurlijk wel heel lastig. Een verdediger laat zich één keer door die spits met die wonderlijke schijnbeweging poorten, maar als de spits dat nog eens mocht proberen dan zal hij met buitensporig geweld onder de grasmat worden geschopt.
Zo werkt het ook in de muziek (het toneel, de schilder- en schrijfkunsten, etc). Als de verrassing er af is, dan moet er op punten gescoord gaan worden. En die punten moet je verdienen.
Afgelopen maand verscheen het tweede album van Macy Gray en de nieuwe cd van Angie Stone zal eind oktober verschijnen. De hamvraag – gezouten en volgens oud-Schots recept gerookt – is: kunnen de cd’s zich meten met het debuut?

Angie Stone”>Angie Stone – Mahogany Soul
Bij het beluisteren van de opvolger van Black Diamond springt direct de verandering in de stem van Angie Stone in het oor. Stone heeft op de eerste cd een stem die klinkt als een klok. Op het podium deden haar vocale prestaties daar niets aan af. Wel bleek dat Stone een moordend tourschema had. Klonk haar stem in maart 2000 in Paradiso nog nagenoeg helder, op het North Sea Jazz festival, drie maanden later, viel duidelijk overbelasting te bespeuren.
Die overbelasting hoor je ook terug op Mahogany Soul. De stem van Stone klinkt – zeker vergeleken met het eerste album – vermoeid, dun en weinig helder. De promotie van het eerste album lijkt veel van Stone te hebben gevraagd.
Muzikaal gaat Mahogany Soul verder op de voet van Black Diamond. Dat viel te verwachten. Dat Stone ooit een muzikale revolutie zal ontketenen, is uiterst onwaarschijnlijk. De composities op het nieuwe album duiden, gelijk de vocale prestaties, op intensief toeren. Het gros van de nummers is waarschijnlijk tijdens de tournee geschreven. De composities wekken de indruk dat ze zijn ontstaan tijdens jamsessies met de band en zijn meer dan eens overduidelijk gebaseerd op reeds bestaand werk. Zo hangt het nummer Wish I Didn’t Miss You dusdanig op Don’t Take Away The Music van Tavares dat een rechtzaak niet uit te sluiten valt.
Net als Black Diamond is Mahogany Soul een tamelijk wisselvallend album met enkele juweeltjes (Bottles & Cans) en duidelijke missers (Time of the month). Hoewel je eigenlijk niet meer zou mogen verwachten, valt het resultaat toch een beetje tegen: de verassing is er een beetje af.

Macy Gray – The ID
Macy Gray is waarschijnlijk de wonderlijkste artiest die de nu classic soul rijk is. Om niet te zeggen: volgens mij is deze vrouw volslagen gestoord. Dat komt mooi uit, want gek is lekker, zeker als het muziek betreft. En waar het de gekte betreft stelt The ID niet teleur. Net als voorganger On how life is is dit album een aaneenschakeling van rare verhaaltjes. Ditmaal van ondersteunende muziek voorzien door maar liefst vier producers, onder wie Rick Rubin. Verder zijn er (tamelijk onopvallende) gastoptredens van onder anderen Erykah Badu, John Frusciante, Angie Stone, Mos Def en Billy Preston. Met andere woorden: platenmaatschappij Sony Music heeft kosten nog moeite gespaard om de tweede cd van Gray – die in de eerste plaats scoort bij het blanke publiek en waar dus goed geld mee valt te verdienen – tot een succes te maken.
En is dat gelukt? Dat moet nog maar blijken.
Ik persoonlijk kan Gray’s Kurt Weil-achtige uitstapjes wel waarderen, maar kan me evengoed voorstellen dat dergelijke avant-gardistische ongein liefhebbers van ‘mooie, melodische liedjes’ toch een tikje te ver gaat. Verder valt op dat Gray’s zang steeds meer richting zingzeggen begint te gaan, hetgeen het toch een stuk lastiger maakt om de liedjes mee te zingen. Dat komt het hitpotentieel natuurlijk niet ten goede.
Aan de andere kant hebben de producers en de uitstekende studioband alles uit de kast gehaald om er toch nog een funky geheel van te breien. En het moet gezegd, op enkele missers na is The ID een funky, melodieuze popplaat geworden.

Kortom? Kortom. Zowel Gray als Stone hebben hele albums afgeleverd. Dat staat buiten kijf. Als ze met deze albums zouden zijn gedebuteerd dan zou de mondiale pop-pers de pennen hebben geslepen om ze de hemel in te schrijven. Maar het zijn geen debuten. En dan moet toch worden geconcludeerd dat de nodige sprong voorwaarts ontbreekt. Stone’s Mahogany Soul is een herhalingsoefening die meer van hetzelfde biedt, maar dan van mindere kwaliteit. Op Gray’s The ID wordt leuk gevarieerd op het thema van On how life is maar veel verder dan dat gaat het eigenlijk niet. Dat is jammer. Volgens mij kunnen deze dames meer.

E. Proper

Je moet geregistreerd staan om te kunnen reageren.